Architectuur

Het nieuwe Hollandse dak heeft nog steeds een schoorsteen

· 5 min leestijd

Sinds zomer 2018 mag een nieuwbouwhuis in Nederland niet meer worden aangesloten op het aardgasnet. Geen ketel, geen rookgasafvoer, geen schoorsteen nodig. Toch staat er op de meeste nieuwe daken nog gewoon zo'n verticale baksteenkolom. Wat doet hij daar nog?

Het dak verloor zijn functie, niet zijn vorm

De Wet VET regelt het sinds 1 juli 2018: nieuwe woningen krijgen geen gasaansluiting meer. De aanvullende BENG-eisen maken een traditionele cv-ketel technisch zelfs onhaalbaar, omdat een huis op fossiele brandstof simpelweg niet door de berekening komt. Een lucht-water-warmtepomp, een bodemwarmtepomp of een aansluiting op stadswarmte is nu de norm. In 2024 was 11,2 procent van alle Nederlandse woningen aardgasvrij, twee jaar eerder was dat nog 8,7 procent. De groei zit grotendeels in nieuwbouw.

Er hoort dus niets meer uit een schoorsteen te komen. Toch worden ze nog gezet, en niet alleen door bange aannemers. De reden is grotendeels esthetisch. Een Hollands schuin dak zonder verticaal accent oogt onaf, alsof iemand vergeten is iets neer te zetten. Architecten merken dat het oog van een passant blijft zoeken naar een ankerpunt en uiteindelijk afdwaalt naar de dakgoot of de antenne.

De prefab heeft de metselaar overgenomen

Vroeger metselde een vakman een schoorsteen ter plaatse, baksteen voor baksteen, met loodslabben en een gemetselde voet die het gewicht doorvoerde tot in de bouwmuur. Vandaag komt hij in één stuk van de fabriek, lichtgewicht, in een halve dag op het dak gehesen en met een paar bouten vastgezet. Dat scheelt enorm in gewicht op de dakconstructie, in geld in de begroting en het lost het groeiende tekort aan ervaren metselaars op.

Leveranciers als Cox Geelen en Pre-Fabs maken complete kappen op maat, soms met geïntegreerde rookgasafvoer voor een houtkachel, soms puur als sierelement. Voor de architect is het een gevelelement geworden, vergelijkbaar met een dakkapel of een stevig dakoverstek. Hij wordt op de plattegrond ingetekend met evenveel zorg als een raam.

De houtkachel houdt het rookkanaal in leven

Iets opvallends in nieuwbouwwijken: een groot deel van de kopers wil alsnog een houtkachel. Sfeer is de voornaamste reden, soms speelt back-up bij stroomstoring mee, soms gewoon gezelligheid in het stookseizoen. Een echte houtkachel moet rook afvoeren, en dat kan alleen via een gekeurd rookkanaal naar buiten. Dat kanaal moet al in het bouwplan zitten, want het achteraf doorvoeren door drie lagen isolatie, een dampscherm, een dakplaat en de pannen erbovenop is een dure en lelijke ingreep.

Steeds meer architecten houden hier in de eerste schetsen al rekening mee, ook als de bewoner nog twijfelt. De landelijke regels voor rookgasafvoer geven daar ruimte voor, mits de afvoer op afstand blijft van naburige ramen en ventilatieopeningen. Een prefab schoorsteen met dubbelwandig binnenkanaal is dan een nette oplossing, klaar voor gebruik vanaf dag één of pas over tien jaar.

Ventilatie krijgt eindelijk een net jasje

De BENG-eisen verplichten een goed geïsoleerde, vrijwel kierdichte schil. Een raam op een kier voor frisse lucht voldoet niet meer; ventilatie moet mechanisch, gestuurd, en de gebruikte lucht moet ergens naar buiten. De afzuiging van de afzuigkap, de badkamer en de wc komen samen op het dak.

Tot voor kort waren dat losse zwarte buisjes, schots en scheef op het pannendak, en het zag er rommelig uit. Nu zie je in nieuwbouwwijken dat die afvoeren worden gebundeld in één blok, vaak gevormd als schoorsteen, soms in dezelfde baksteen als de gevel. De vorm is bekend, de functie is anders, voor de bewoner is het verschil onzichtbaar. Voor de architect is het een keurig opgelost technisch detail dat tegelijk het silhouet van het dak verzorgt.

Twee uitersten in plaats van één recept

Zonder de vanzelfsprekende schoorsteen kantelt het oog naar andere details: de hoek van de dakhelling, de overstek, de daklijn die wel of niet mooi om de hoek vouwt. Sommige bureaus kiezen daarom bewust voor een leeg dak, helemaal vlak, met alle techniek binnen weggewerkt en zonnepanelen als enige onderbreking. Andere zetten juist een dikke blokvormige schoorsteen neer als ankerpunt voor het hele gevelvlak, zo breed dat hij eerder een toren lijkt dan een rookkanaal.

Wat je vrijwel niet meer ziet, is het brave doosje met een dunne, halfslachtige schoorsteen ergens terzijde. Dat was het rijtjeshuisrecept van de jaren negentig en nul, en het komt nu visueel niet meer over. De straat eromheen veranderde te veel: variërende dakvormen, kleinere ramen met meer reliëf, en een stuk meer karakter in de gevel.

Wat dit betekent voor je eigen huis

Bekijk je bouwplan kritisch. Vraag de architect of aannemer expliciet of er een rookkanaal in zit, ook al ben je nu geen liefhebber van een houtkachel. Achteraf inbouwen kost al snel een paar duizend euro en haalt de constructie open. Let bij een nieuwbouwfoto goed op die schoorsteen: niet automatisch decor, soms verbergt hij ventilatie of een rookkanaalvoorbereiding waar je later blij mee bent.

Een dak zonder schoorsteen is niet zuiniger en niet duurzamer; het is puur een keuze van de architect. Wie wil dat zijn huis over twintig jaar nog logisch oogt naast oudere buurpanden, zit met een gestaag silhouet vaak rustiger dan met een te kale daklijn. De schoorsteen is geen relikwie, maar een gevelelement dat zijn rol opnieuw aan het uitvinden is.

T
Geschreven door Thomas Akkerman Bouw & renovatie schrijver

Thomas is aannemer van beroep en schrijft met de kennis van iemand die al honderden woningen van binnen heeft gezien, inclusief de muren waar je liever niet achter kijkt. Hij legt bouwkundige zaken uit zonder jargon omdat hij vindt dat elke Nederlander zou moeten weten wat een vochtweringlaag is en waarom je er een wilt. Zijn artikelen lezen als een gesprek met die ene handige vriend die je altijd belt als er iets stuk is, alleen dan beter onderbouwd. Hij begon met schrijven nadat hij voor de zoveelste keer een klant moest uitleggen waarom goedkoop uit soms dubbel betalen is. Zijn meest controversiële mening: de meeste klusprogramma's op tv zijn entertainment, geen instructie. In het weekend vind je hem op de bouwmarkt, niet omdat hij iets nodig heeft, maar omdat hij het er gewoon naar zijn zin heeft.