Tuin & Terras

Waarom de grote loungeset plaats maakt voor losse zithoeken

· 5 min leestijd

De hoekloungeset die jarenlang in elke achtertuin domineerde, krijgt concurrentie van iets veel kleiners. Steeds meer Nederlanders ruilen die ene massieve zitcombinatie in voor twee of drie losse plekken, verspreid door de tuin. Een bankje onder een boom, een lage stoel bij de keukendeur, een lounge-eiland verderop. Daarmee verdwijnt het idee dat een tuin één centraal "buitenwoonkamerblok" hoort te hebben.

Waarom één grote zithoek nu niet meer werkt

De gemiddelde Nederlandse achtertuin is sinds 2018 ongeveer twintig procent kleiner geworden, terwijl loungesets juist steeds zwaarder werden. Het resultaat zie je overal, een meterslange L-bank die negentig procent van het terras inneemt en zes maanden per jaar onbenut staat. Wie de set in maart koopt en in oktober opbergt, gebruikt hem realistisch een handvol weekenden in de zomer.

Daarbij komt dat de zon door je tuin beweegt. Het hoekje dat om half negen in de ochtend perfect ligt, kookt om twee uur 's middags. De plek die om vijf uur ideaal is voor een borrel, ligt om acht uur juist in de schaduw. Eén grote zithoek dwingt je tot één compromis. Drie kleinere plekken laten je meebewegen met het licht.

Drie zithoeken, drie momenten van de dag

De formule die nu opduikt in tuinontwerpen is opvallend consistent. De ochtendplek ligt dicht bij de keuken, vaak een klein bistrotafeltje met twee stoelen of een smalle bank tegen de gevel. Hier drink je je koffie, eet je een ontbijtje, of werk je een uurtje voordat de dag echt begint.

De middagplek schuift weg van het huis, richting het midden van de tuin of onder een boom. Twee comfortabele stoelen, een lage tafel, een parasol die je makkelijk verschuift. Geschikt voor een lange lunch met vrienden, een boek, of de kinderen die ergens anders spelen.

De avondplek ligt achterin, vaak op het meest beschutte deel van de tuin. Daar zet je een lage loungebank neer, een vuurkorf of vuurtafel, en wat losse poefen. De plek waar de avond eindigt, niet waar je hele dag begint en eindigt.

Hoe je de zithoeken op elkaar afstemt

De valkuil bij meerdere zithoeken is dat je tuin een meubelboulevard wordt. De drie plekken hoeven niet identiek te zijn, maar één doorlopend element houdt het rustig. Dat kan een herhalend kleurpalet zijn, of hetzelfde materiaal dat in elke set terugkomt. Denk aan teakhout op alle drie de tafels, of een tint taupe die in de kussens van elke zithoek zit.

Materiaalmix mag wel, en is zelfs gewenst. Een rotanstoel bij het ontbijt, een metalen bistroset in het midden, een wollig modulair lounge-eiland achterin. Wat verbindt is je kleurkeuze, niet je materiaalkeuze. Het terras mag dit voorjaar weer kleur hebben, en die kleur kun je gebruiken als rode draad door de hele tuin.

Belangrijk is ook dat de plekken visueel met elkaar in gesprek staan. Vanuit de ochtendhoek moet je de avondhoek kunnen zien liggen. Vanaf de avondhoek hoor je de geluiden bij de keukendeur. Een tuin met drie geïsoleerde eilanden voelt versnipperd, een tuin met drie verbonden eilanden voelt geleefd.

Wat het kost en wat het oplevert

Op het eerste gezicht klinkt drie zithoeken duurder dan één loungeset. In de praktijk valt dat tegen. Een grote modulaire hoekbank kost al snel rond de drieduizend euro, terwijl een bistrosetje voor twee onder de tweehonderd euro begint en een eenvoudige tweezitter met tafel rond de zeshonderd euro ligt. Drie kleinere zithoeken kunnen samen goedkoper uitkomen dan één grote loungeset, zeker als je niet alles tegelijk hoeft te kopen.

Dat laatste is misschien wel de grootste verschuiving. Een grote loungeset koop je in één klap, los je nooit meer aan. Drie kleinere plekken bouw je rustig op, jaar voor jaar, vlooienmarkt na woonwinkel. Dat past beter bij een tuin die langzaam volgroeit, en het past beter bij hoe mensen nu naar wonen kijken, in lagen en niet in pakketten.

De andere winst zit in opslag. Drie losse setjes pas je makkelijker in de schuur, of laat je deels buiten staan. Een grote modulaire bank moet je elke winter dekken of slepen, en als de hoes lekt is je hele set nat. De buitendouche schuift al van strandhuis naar achtertuin, en hetzelfde geldt voor andere buitenelementen, ze worden kleiner, losser, en flexibeler.

Dit is wat je deze maand anders kunt doen

Begin niet met meubels kopen, begin met kijken. Loop een week lang op verschillende momenten je tuin in, sta even stil, en kijk waar je vanzelf wilt zitten. De plek waar je 's ochtends de zon op je gezicht voelt, het hoekje waar je om drie uur in de schaduw belandt, de plek waar het 's avonds windstil is. Drie van die plekken zijn er bijna altijd, ook in een kleine stadstuin.

Pas als je die plekken kent, ga je meubels zoeken. Begin met de plek waar je het meeste tijd doorbrengt, en houd het bewust klein. Een tafeltje en twee stoelen is een complete zithoek. Voeg later toe, niet allemaal tegelijk. Het terras wordt de nieuwe woonkamer, maar dat hoeft geen kopie van je echte woonkamer te zijn. De charme zit juist in het verschil tussen die drie plekken, niet in de eenheid van één grote set.

P
Geschreven door Pepijn Mulder Tuin & groen schrijver

Pepijn is de plantengek van de redactie en hij draagt die titel met trots. Hovenier van beroep en schrijver uit passie, hij weet precies welke plant in welke kamer moet staan, hoeveel licht die nodig heeft en waarom de jouwe er waarschijnlijk beter uitziet dan de zijne. Spoiler: meer licht en minder goed bedoeld overgieten. Zijn eigen verzameling telt meer dan honderd planten en hij kent ze allemaal bij naam, de Latijnse naam welteverstaan. Hij schrijft met de overtuiging dat een groene woning een gelukkige woning is, en de wetenschap geeft hem daarin gelijk. Op vakanties bezoekt hij botanische tuinen terwijl zijn reisgenoten op het strand liggen, en hij heeft daar geen enkel probleem mee.