Terwijl heel Nederland zonnepanelen op het dak legt, ligt er nog iets anders volop te wachten: ruimte. Steeds meer steden ontdekken dat een plat dak niet alleen dient om droog te blijven, maar ook kan functioneren als park, moestuin of ontmoetingsplek. Rotterdam bouwt op dit moment aan het langste dakpark van Nederland, en dat is geen toeval. Het is het duidelijkste teken tot nu toe dat het dak zijn saaie imago kwijtraakt.
Je dak ligt er waarschijnlijk voor niets bij
Uit de eerste landelijke meting van Rooftop Revolution en Natuur & Milieu, waarbij meer dan 11 miljoen panden zijn onderzocht, blijkt dat slechts 0,5 procent van de Nederlandse daken groen is. Van die groene daken is bijna twee derde kleiner dan 25 vierkante meter: het gaat vaker om een schuurtje met sedum dan om een serieus stuk natuur. Het aantal groeit wel, met zo'n 13 procent per jaar, maar dat gebeurt vooral bij nieuwbouw en bij kleine particuliere gebouwen. De grote voorraad bestaande daken op woningen en kantoren blijft grotendeels onbenut, terwijl juist die daken kunnen helpen tegen hittestress en wateroverlast.
Dat is opvallend, want de meeste platte daken kunnen zonder al te veel aanpassingen meer aan dan alleen zonnepanelen dragen. Wie zijn terras al langer wil gebruiken, weet dat een beetje beschutting en de juiste beplanting al veel verschil maken. Op een dak werkt dat principe precies zo, alleen dan een verdieping hoger.
Dakpark Rotterdam laat zien hoeveel ruimte er eigenlijk is
Het bekendste voorbeeld staat al jaren in Rotterdam. Dakpark Rotterdam ligt op negen meter hoogte, is zo'n 1.200 meter lang en geldt als een van de grootste dakparken van Europa. Onder het park zit een winkelcentrum, erboven een buurttuin met schapen, kippen, moestuinen en een fruithaag. Het park bewijst dat een dak niet per se stil hoeft te liggen: het kan sporten, spelen en zelfs kleinschalige landbouw dragen, mits de constructie daarop berekend is.
Ook op de Zuidas in Amsterdam is een voormalig grinddak omgebouwd tot een dakpark van 2.150 vierkante meter, compleet met een waterbergend systeem dat regenwater opvangt in plaats van direct doorspoelt naar het riool. Dat laatste is precies waar veel steden mee worstelen: hevige buien die het riool overbelasten. Een dak dat water vasthoudt, ontlast de straat eronder.
Rotterdam bouwt straks het langste dakpark van Nederland
Het meest ambitieuze project ligt nog voor de boeg. Boven op het oude spoorviaduct van de Hofbogen komt het Hofbogenpark, twee kilometer lang en straks het langste dakpark van Nederland. Waar tot 2010 nog treinen reden tussen Rotterdam en Den Haag, kunnen bewoners straks tussen de boomtoppen wandelen. De gemeente Rotterdam werkt samen met De Urbanisten en DS Landschapsarchitecten aan een ontwerp dat bewust niet aangeharkt oogt: de beplanting is geinspireerd op de wilde begroeiing langs spoortaluds en verandert elk jaar een beetje, net als een echt landschap dat zou doen. Meer details staan op de site van de gemeente Rotterdam, inclusief het eigen waterzuiveringssysteem waarmee het park straks zonder kraanwater rondkomt.
Het park krijgt ook een gemeenschappelijke voedseltuin en een plukperron, plekken waar buurtbewoners letterlijk hun handen in de aarde kunnen steken. Dat past bij een bredere verschuiving: daken worden niet meer alleen ontworpen om regen te keren, maar om iets terug te geven aan de buurt eronder.
Ook bedrijven maken van hun dak een ontmoetingsplek
De trend beperkt zich niet tot gemeentelijke prestigeprojecten. Op Strijp-T in Eindhoven dient het grote dakterras van gebouw TQ als gezamenlijke tuin voor alle bedrijven op het terrein. Er wordt vergaderd, gesport en geborreld, verdeeld over een reeks "kamers" tussen groepen bomen. Het dak is daarmee, zoals de ontwerpers het zelf noemen, het sociale hart van het gebied geworden in plaats van een plek waar niemand ooit komt.
Diezelfde logica zie je terug bij de Rotterdamse Dakendagen, een jaarlijks evenement waarbij bruggen en trappen tientallen daken met elkaar verbinden tot een wandelroute door de stad. Een dak dat je normaal nooit ziet, wordt daar voor even een plein.
Wat je met je eigen platte dak kunt
Je hoeft geen gemeente te zijn om hier iets mee te doen. Een sedumdak is de laagdrempeligste stap: het weegt weinig, vraagt bijna geen onderhoud en houdt in de zomer merkbaar meer warmte tegen dan een kaal bitumen dak. Wil je verder, denk dan aan een dakterras met potten en een paar lage struiken, of aan een regenton die het water van het dak opvangt in plaats van direct het riool in laat lopen. Sommige gemeentes vergoeden dat laatste zelfs deels.
Belangrijk is wel de draagkracht van je dak: niet elke constructie is berekend op extra gewicht, en bij twijfel loont het om eerst een constructeur te laten kijken voordat je bakken aarde naar boven sleept. Voor een dakterras met een balustrade heb je vaak een vergunning nodig, al valt lang niet alles daaronder. De regels rond vergunningsvrij bouwen zijn de laatste jaren ruimer geworden dan veel mensen denken, dus het is de moeite waard om eerst even uit te zoeken wat wel en niet mag voordat je aannames maakt.
Dit is waarom je binnenkort vaker omhoog kijkt
Nederland is dichtgebouwd en de ruimte op straatniveau raakt op, maar boven onze hoofden ligt nog een oppervlakte die we amper gebruiken. Dakpark Rotterdam en straks het Hofbogenpark laten zien wat er kan als een stad daar serieus werk van maakt, en Strijp-T bewijst dat het net zo goed op kleinere schaal werkt. Voor je eigen huis begint het al bij een paar planten en een regenton. Kijk de volgende keer dat je buiten staat gewoon eens omhoog: de kans is groot dat je meer ruimte hebt dan je dacht.